Rood waas

foto-1-5

Het is een van de grootste ergernissen van journalisten: geïnterviewden die je inzage in de tekst geeft, en je verhaal vervolgens vol rode strepen retourneren. Of, erger nog: je stuk herschrijven zonder aan te geven wat ze veranderen zodat het een zoekplaatje wordt. Of hele alinea’s erbij schrijven.

Even los van de (interessante) discussie of en in hoeverre geïnterviewden inzage cq inspraak moeten krijgen, de praktijk in Nederland is nu eenmaal zo dat journalisten en andere interviewers hun tekst voor publicatie voorleggen aan hun gesprekspartners. Soms levert dat nuttige correcties op, maar even zo vaak ook niet; dan zijn de ‘correcties’ geen verbeteringen maar zwakken ze het verhaal af, of maken ze het nodeloos ingewikkeld. Veel collega’s krijgen een rood waas voor de ogen vanwege zo’n mailtje met aanhangsel (‘leuk stukje hoor, ik heb een paar dingetjes aangepast’).

Hoe verwerk je nu stressloos en efficiënt het commentaar van geïnterviewden? Vier tips:

1. Blijf kalm. Kwaad worden kost alleen maar energie die je beter voor andere dingen kunt gebruiken.

2. Ga er niet vanuit dat je de wensen van de geïnterviewde moet honoreren. Hij zij/verwacht meestal ook helemaal niet dat je alle ‘verbeteringen’ overneemt. Jij bent verantwoordelijk voor de tekst, jouw naam staat erboven (tenzij je de geïnterviewde vooraf carte blanche hebt gegeven, maar dat zou wel heel dom zijn).

3. Doe je voordeel met de echte verbeteringen en maak er geen machtsspelletje van.

Bij een tekst met een wirwar van aanvullingen en correcties doe ik het altijd zo:

-Ik markeer de echte verbeteringen (feitelijke onjuistheden) in groen.

-Vervolgens kijk ik welke wijzigingen de tekst verbeteren noch verslechteren, die neutraal zijn als het ware. Die maak ik roze.

-Ten slotte kijk ik wat er overblijft, dat zijn de verslechteringen. Die maak ik geel.

Alles in groen en roze neem ik over.

4. Bedank de geïnterviewde voor de verbeteringen en laat weten dat je zoveel mogelijk hebt overgenomen. Mocht hij/zij naar  de nieuwe versie vragen, doe dat dan op het moment dat je je tekst naar de eindredactie stuurt, eventueel met de (impliciete) boodschap dat het niet de bedoeling is dat er een tweede correctieronde komt.

De belangrijkste van deze vier is tip 1: niet kwaad worden. Die kwaadheid komt voort uit verongelijktheid, je voelt je in je kuif gepikt, in je beroepseer aangetast. Waarom zou je eigenlijk?

  1. Esther’s avatar

    Voordat ik een tekst voorleg, verzoek ik ook altijd álleen de feitelijke zaken na te kijken, waarmee wil idd wil voorkomen dat alles onder de loep wordt genomen. Ik moet eerlijk zeggen dat dat meestal goed gaat en het er ook voor zorgt dat belangrijke feiten meteen even een keer extra gecheckt worden. Maar het is en blijft altijd weer spannend om een tekst terug te krijgen.