20608101_68255118

Omdat het over anderhalf jaar zo ver is dat zoon A. (11) van de oude vertrouwde mytylschool naar het vervolgonderwijs gaat, bezoeken we open dagen. Het vmbo hebben we uit ons hoofd gezet. Een neuropsycholoog van de RIAGG wreef het ons onlangs nog maar eens in: “Hij wordt géén professor, hoor!” Alsof we daar inmiddels zelf niet achter waren.

Tot voor kort was de praktijkschool nog een soort worst-case-scenario. Want hoe hanteert een kind met een motorische stoornis een schroevendraaier en een beitel, laat staan een draaibank? En daarbij: als je autistische neigingen hebt en ernstig sociaal onhandig bent, is het ongepolijste praktijkschoolpubliek niet het beste dagelijkse gezelschap, wel? En verder vonden wij het praktijkonderwijs (pro) wel heel erg eh… basaal. Maar inmiddels heeft A. weer wat IQ-testen achter de rug, die hem het predikaat LGV (licht verstandelijk gehandicapt) hebben bezorgd. Of hij werkelijk verstandelijk gehandicapt is, laten we nog maar even in het midden, maar zijn leerprobleem blijkt steeds weer groter dan we dachten.   

Vorige week waren we op De Schakel, een praktijkschool die naar verluidde een speciaal klasje had voor leerlingen met een autistische stoornis. Dat bleek niet zo te zijn, maar niettemin was ik onder de indruk van de rustige sfeer in de klaslokalen (waar gewoon lesgegeven werd), de vriendelijke rondleiding (door twee derdejaars) en vooral de prachtige voorwerpen die de leerlingen gemaakt hadden van hout en metaal. Maar belangrijker dan dit alles: A. was heel enthousiast. Prachtig vond hij de voor het vak Detailhandel nagebouwde winkel, de ronkende draaibank bij Houtbewerking, de enorme keuken met wel tien fornuizen…  Zijn juf op school zegt ook steeds dat hij het zo leuk vindt om met zijn handen te werken. Dus pro is geen schrikbeeld meer. Nu denken we: Stel je voor dat hij ooit met zo’n vijfarmige kandelaar thuiskomt, helemaal zelf gemaakt! Of dat hij echt goed leert rekenen met geld! (Nu is het verschil tussen tien euro en tien eurocent nog erg moeilijk.)