foto: Erik Hijweege

foto: Erik Hijweege

Van de week mocht ik Rudi van Dantzig interviewen. Dat ‘mocht’ is wel op zijn plaats, want hij voelt zich al een tijd moe en niet zo gezond. Bovendien had hij net een drukke tijd achter de rug met een balletprogramma in het Muziektheater, dat het Nationale Ballet ter ere van zijn 75ste verjaardag had samengesteld. Hij was blij dat de rust was weergekeerd en hij verder kon met schrijven aan zijn biografie over balletpedagoge Sonia Gaskell, maar fotograaf Erik Hijweege en ik hebben bij elkaar bijna zijn hele dag in beslag genomen. Allercharmantst nam hij niettemin de tijd, ‘s ochtends voor mij, ‘s middags voor Erik. 

Op het laatst van het gesprek, dat ging over dansen, ziek zijn, aftakelen, en de eenzaamheid van de oudere homoseksueel, kwam het gesprek even op mijn oude vak vertalen. Hij vroeg of het mij gemakkelijk af ging. ‘Nee, zei ik, ik vind vertalen razend moeilijk.’ Hij vertelde dat hij soms zoveel werk had aan het corrigeren van de Engelse vertalingen van zijn boeken. Die waren vaak te letterlijk, waardoor, zoals Van Dantzig zei, “de hele sfeer was ontsnapt”. Eén vertaler, een Zuid-Afrikaan, had zich kennelijk als het zo uitkwam door zijn eigen klankassociaties laten leiden, wat hilarische vergissingen tot gevolg had. Van Dantzig: “Hij had een verhaal van mij vertaald waarin ik beschrijf hoe in de tuin naast ons een jongen het dak van de schuur aan het repareren was. Ik kijk naar hem vanaf het tuintrapje. Dat laatste had die man vertaald met ‘sitting on the steps of the townhall’. Townhall? Hoe kwam hij daar nou in godsnaam bij? Later dacht ik: o ja, tuin – town. Van dat soort dingen. Het was een hel voor mij.”