“Metrolijn pas af  ‘als de varkens vliegen'”. Dat was de openingskop van de Volkskrant van vandaag. Amerika-corrrespondent Diederik van Hoogstraten in de bocht: hij heeft een handje van te letterlijke vertalingen. Amerikanen zeggen ‘when pigs fly’, wij zeggen ‘met Sint Juttemis’ of  voor mijn part (niet geschikt als krantenkop): ‘als Pasen en Pinksteren op één dag vallen’. Maar ik betrapte me erop dat ik me nu eens niet ergerde, en die vliegende varkens eigenlijk wel leuk vond. Fout, maar grappig. Ze mochten blijven van mij.

Tweeënhalf jaar geleden zette ik een punt achter het vertalen en ondertitelen. Als afsluiting van die periode, als een soort apologie, schreef ik voor het Cultureel Supplement van NRC Handelsblad een artikel over het mooie, maar moeizame beroep van ondertitelaar. Het is hier te lezen.

Tot voor kort kroop het vertalersbloed nog waar het niet gaan kon. Dat wil zeggen: te letterlijke vertalingen, vertaalfouten, vertalingen waar anderszins het origineel doorheen schemerde, voelde ik als een klap in het gezicht, een belediging van het nederige maar edele vak van vertaler. Ik bewaarde ze om er ooit een bloemlezing van te maken. Maar die tijd is voorbij. Sinds vanmorgen. Tweeënhalf jaar na mijn ‘officiële’ afscheid, heb ik mijn vertalershoed écht aan de wilgen gehangen. (Wat niet wil zeggen dat ik nooit meer een leuke blooper of mooie vertaalvondst zal signaleren.)